Het Geopunt biedt een spectaculair uitzicht op het winningsgebied van helderwitte kwartszanden. Bij de parkeerplaats met informatieborden staat ook een reusachtige zwerfkei van 45 ton, die tijdens de winning aan het licht kwam. Ongeveer 45 – 70 miljoen jaar geleden heerste er in Europa een subtropisch klimaat. In het gebied van Uhry bevond zich in die tijd een grote delta van een rivier, die zeer zuivere zanden en fijn grind vanaf het vasteland meevoerde en hier afzette.
Dit witte zand, dat bijna 100 procent uit kwarts bestaat, is een gewilde grondstof voor de industrie en wordt onder andere gebruikt voor de productie van computerchips. Vele miljoenen jaren later – tijdens de Saale-ijstijd, ongeveer 330.000 tot 127.000 jaar geleden – werd boven het fijne zand een laag van enkele meters dik zand, grind en grote zwerfstenen afgezet, die door de gletsjers vanuit Scandinavië hierheen werden getransporteerd.
Ongeveer 300 van deze stenen liggen in de keien-tuin Königslutter in een nagebootst IJstijdlandschap. De tot dusver grootste in deze zandgroeve gevonden kei, met een gewicht van ca. 45 ton, is opgesteld bij het informatiepunt aan de weg van Uhry naar Rhode. Vanaf hier heeft men ook een goed overzicht van de groeve met de witte zanden en tijdelijke kleine wateren.
De winning van grondstoffen betekent altijd een ingreep in de natuur, maar creëert vaak ook nieuwe leefgebieden: in de zandige steilwanden hebben oeverzwaluwen hun broedholen gegraven, en ijsvogels, rugstreeppadden en warmteminnende insecten hebben in de groeve een nieuw thuis gevonden.